Home / PMT / PMT en de 7 thema’s

PMT en de 7 thema’s

Psychomotorische therapie (PMT Den Bosch) is er voor mensen die een psychosociale last ervaren.

Laatst kwam ik ze weer eens tegen; de 7 thema’s die eigenlijk het geheel aan hulpvragen binnen de pmt omvatten. Interessant voor mensen die overwegen of psychomotorische therapie wat voor hen is of er mee willen kennismaken.

De 7 thema’s waaronder alle hulpvragen of doelen kunnen vallen die door pmt worden aangegrepen (door Pauline Fellinger BA/PMT) ;

  1. motorische instrumentele sensibiliteit (M.I.S.)
  2. motorische sociale sensibiliteit (M.S.S.)
  3. ruimte
  4. kracht
  5. lichaamsbeleving
  6. vertrouwen
  7. relaxatie

 

1. Motorische instrumentele sensibiliteit betekent de gevoeligheid van iemand voor het materiële, voor de voorwerpen (het andere) om hem heen. Sommige mensen stoten zich vaak of hebben weinig tot geen gevoel voor de hardheid, zachtheid, afstand van / tot de dingen. Zoals je met een rugzak op, in de trein soms tegen anderen opbotst, omdat je even wat minder M.I.,S. had met je rugzak op. Of zoals je een dag kunt hebben waarbij je je meer dan anders stoot, iets om laat vallen, tegen iets aanloopt, iets stuk maakt…. Omdat je die dag wat minder goed in contact bent met de dingen om je heen. Als je na een ongeval / trauma anders in je lijf bent komen te zitten (bv. met een dwarsleasie), zul je veel opnieuw moeten gaan verkennen rondom M.I.S. Mensen die haast hebben, hebben op dat moment ook vaak een lage M.I.S. Mensen met een verstandelijke beperking kunnen al snoezelend veel bezig gaan met M.I.S. Mensen die vanwege welke psychopathologie dan ook, teveel naar binnen gekeerd zijn, zijn ook minder in contact met hetgeen om hen heen is (ook dit doen we in Rosmalen en PMT Den Bosch).

2. M.S.S. Motorische sociale sensibiliteit is dan de gevoeligheid die iemand heeft voor de sociale context om hem heen. Voor de ander om hem heen dus. Het gaat dan om het kunnen maken van contact met anderen, kunnen samenwerken met anderen, om de afstand en nabijheid die je inneemt ten opzichte van anderen, Maar ook het hanteren van sociale grenzen, assertiviteit, nee kunnen zeggen, leiding nemen, leiding geven, leiding volgen, rekening houden met elkaar, wachten op elkaar, luisteren naar elkaar, elkaar verdragen, etc…

3. Ruimte: Hierbij gaat het om het (durven) innemen van ruimte, het delen van ruimte, het bewegen door de ruimte, het maken van een eigen plek, het opeisen van ruimte, etc. Ruimte is hierbij ook een plek, een plaats, een speelveld, Kijk voor de gein maar eens bij een speeltuintje in je buurt; je zult zien dat sommige kinderen met groot gemak door de hele speeltuin bewegen, de schommel durven opeisen, de baas van de glijbaan zijn, of het grote grasveld in bezit nemen (in onze ruimte in Rosmalen en PMT Den Bosch hebben wij ook allerlei praktijk items om dit te oefenen). Anderen blijven wat meer aan de zijkant of verdwijnen gauw, als er haantjes de voorsten aankomen. Ze nemen nauwelijks plek in op het grasveld…Zoiets is ook te zien in kleedkamers, (wie neemt hoeveel plek in op de banken, aan de kapstokken), in de klas, in de kantine, in de trein…Mensen gaan verschillend met ruimte om.

4. Kracht: Binnen het thema kracht wordt er gewerkt aan het doseren van kracht, of het leveren van kracht, of het (durven) inzetten van kracht, of juist het bewegen met minder kracht (en bv. meer gemak….) Krachtgebruik kan voor iemand die impulsief is, vaak te veel en/of te heftig zijn (soms leidend tot agressiviteit), maar voor een ander is kracht gebruik heel beladen en gerelateerd aan schuld en daderschap, aan aanvallend zijn en ruzie. De truc is om controle te kunnen hebben (te kunnen kiezen) over de kracht die je wilt inzetten bij je handelen.

5. Lichaamsbeleving: Dit beweegthema spreekt haast voor zichzelf. Het gaat hierbij om hetgeen je aan en van je lijf kan beleven, voelen, waarnemen en betekenis kan geven, tijdens je bewegen en handelen. Soms gaat het over negatieve lichaamsbelevingen, waarbij het een doel kan zijn om je lijf weer meer te gaan waarderen. Soms gaat het over onbekende lichaamssignalen die je kunnen helpen om op tijd te stoppen met activiteiten, werk of andere handelingen. Bv. de astmapatiënt die beter kan aanvoelen wanneer hij weer benauwd wordt en bijtijds maatregelen kan nemen. Of de workaholic die beter voelt wanneer hij weer te lang teveel stress heeft. Soms gaat het binnen dit thema over je lichaam tonen, je lichaam (beter) te leren kennen of over je lichaam (en/of emoties) te voelen.

6. Vertrouwen: Het gaat hierbij zowel om vertrouwen in jezelf, als om vertrouwen in de ander / het andere. Als er bij iemand problemen liggen op dit gebied, wordt (een sub-)doel omtrent dit beweegthema geformuleerd. Het vertrouwen kan te veel zijn, te weinig zijn of zich bv beperken op een bepaald gebied.

7. Relaxatie: Relaxatie is een ander woord voor ontspanning en heeft dan ook alles te maken met het wel / niet / meer / minder ontspannen zijn. Het kunnen ontspannen, het weten wanneer spanning / ontspanning goed of slecht voor je is, het toepassen van ontspanningstechnieken, het ervaren van spanning en ontspanning, het controle hebben over je eigen spanning en ontspanning en (heel belangrijk:) het weten wàt jou doet ontspannen (drijven in warm water, een potje badminton, liggen op een matje, luisteren naar muziek.

Vaker artikelen/berichten ontvangen van mijn praktijk FLOORUIT! in Rosmalen (ook voor PMT Den Bosch)? Schrijf je in voor de nieuwsbrief van mijn praktijk FLOORUIT!